I want to fake love with you.

'Prostituees zijn zielig, hun mannen zijn crimineel en hun klanten zijn vies’, is een opmerking die alle vooroordelen over de prostitutiewereld lijkt samen te vatten. Werken met seks heeft men altijd abnormaal gevonden:ieder die zich daarmee inliet zou ook gestoord zijn.
In de jaren zestig beschreven een prostituee nog als een vrouw met een psychisch mankement die een gewoonte of beroep maakte van haar noodzaak om seksuele omgang met diverse mannen te hebben. Een enkele theoreticus beschouwde prostitutie als een beroep voor mensen ‘met een ongereguleerde karakterstructuur en een gering moreel zelfbewustzijn.’ (Groothuyse)
De keuze voor prostitutie zou het gevolg zijn van een gestoorde seksuele ontwikkeling. Op seksueel gebied had men prostituees afwisselend als lesbisch, frigide of nymfomaan afgeschilderd. De vrouwenbeweging verwierp echter het idee dat een seksueel actieve vrouw per definitie nymfomaan was. Waarom zou een man met meerdere minnaressen wel viriel en gezond zijn en een vrouw met veel partners ziek? Enkele prostituees beweerden dat ze de baan op waren gegaan omdat ze toch al seksueel actief waren. ‘Dat kun je nymfomaan gedrag noemen’, voegde een vrouw er schouderophalend aan toe.
Zo vond een vrouw andere vrouw het beter om er maar geld voor te vragen, dan gewoon een kerel in een bar op te pikken. ‘Want dan gooi je pas echt je naam te grabbel. ‘Anderen zeiden dat ze pas in de prostitutie hun seksualiteit hebben ontdekt. En dat gold ook voor vrouwen met lesbische of biseksuele neigingen. ‘Toen ik werkte waren seksuele relaties tussen vrouwen nog een taboe. Ook wanneer een klant een triootje met een andere vrouw erbij wenste, wist ik niet eens dat er een lesbische beleving van seksualiteit bestond. Daar sprak je toen (jaren zeventig vorige eeuw) niet over. Naderhand vroeg ik me verwonderd af waarom daar zo’n drukte over werd gemaakt. Van prostitutie zelf word je niet lesbisch. Triootjes zijn gewoon bisnis.’Zoals in alle beroepen werken er ook lesbische vrouwen in de prostitutie.
Blijft de aard van de prostitutie altijd hetzelfde?. Bepaalde beleidsmakers denken van wel. Wij denken van niet.
‘Tegenwoordig moeten prostituees bij wijze van spreken de hele Kama Soetra kennen. ‘Gewoon intiem’ kunnen klanten immers thuis ook krijgen. Mannen hoeven immers niet naar prostituees omdat hun vrouwen niets willen. Sterker nog, ze nemen hun vrouwen zelfs mee. In hobbyclubs ontmoeten paren elkaar voor seksparty’s’, zei een expert reeds in 1994.
De veranderde normen op het gebied van seksualiteit in de jaren zeventig, de discussie over seksueel geweld en komst van aids in de jaren tachtig hebben hun stempel op de prostitutiewereld gedrukt. Vanaf 1987 kleurde de commotie over migrantenprostituees en mensenhandel het debat.
Tegelijkertijd kwam in de laatste decennia van de vorige eeuw de emancipatie van alle partijen in de seksbis- prostituees, klanten en exploitanten op gang. Dat begon heel spectaculair met de organisaties van prostituees. Zij en hun medestanders wezen erop dat sekswerk niet per definitie seksueel geweld is, maar dat iedere aantasting van lichamelijke integriteit wel krachtig moest worden bestreden. Die zienswijze opende de weg naar de erkenning van prostitutie als beroep.
Medio jaren tachtig zocht een groep prostituanten (klanten) de publiciteit om het taboe op prostitueebezoek te doorbreken. In dezelfde periode ondernamen organisaties van exploitanten pogingen om het runnen van relaxhuizen respectabel te maken.
Dit alles speelde zich af in een tijdsgewricht waarin de prostitutie zich ontwikkelde van een marginaal verschijnsel tot een onderdeel van de dienstensector. Zoals huiselijke bezigheden als slapen en eten in het toerisme zijn gecommercialiseerd, zo zijn er voorzieningen geschapen voor seks buitenshuis.

Dit is een fragment uit Sietske Altink, Handel in Hartstocht. (1995)

Stigma

Prostituees worden al eeuwenlang gestigmatiseerd. Dat uit zich door ze als groep als een openbare orde- en  gezondheidsprobleem te zien en ze op individueel niveau tot slachtoffers te bestempelen. Dit heeft ertoe geleid dat de prostitutiewereld is gemarginaliseerd en dat prostituees in de loop der eeuwen tot aparte persoonlijkheden zijn gemaakt  met een eigen psychische make-up, tot vrouwen die min of meer voor het slachtofferschap geboren zijn. 
Identificatie van gedrag met persoonlijkheid is een belangrijk kenmerk van stigmatisering. Dus eens een hoer, altijd een hoer. Anders gezegd, prostituees hebben een verleden, anderen hebben een curriculum vitae.
Het stigma straalt op allen af die met hen te maken hebben. Hun partner wordt pooier genoemd en hun kinderen:‘hoerenzonen’ dat in veel talen een scheldwoord is.
Het stigma is moeilijk te bestrijden. Maar er is één ding erger dan stigmatisering mét rechten en dat is stigmatisering zónder rechten.

De vrouwenbeweging

Etalage stripwinkel in Antwerpen. Foto S. Altink

Vanaf de negentiende eeuw heeft de vrouwenbeweging erop gehamerd, dat mannen wel degelijk verantwoordelijkheid dragen voor seksueel wangedrag en dat niet kunnen verdedigen met een beroep op ‘de natuur’. In de twintigste eeuw pakten feministen dit thema weer op en wezen erop dat seksueel geweld niet uit frustratie van natuurlijke behoeften, maar uit ongelijke machtsverhoudingen voortkomt.
Wat voorheen zedenmisdrijf heette en vooral een aantasting van de eerbaarheid was, zagen zij nu als seksueel geweld, als inbreuk op de seksuele autonomie. Zelfbeschikking is zo een sleutelbegrip in de emancipatiebeweging geworden. Eind jaren zeventig en begin jaren tachtig kwam in deze emancipatiegolf een internationale beweging op gang voor de emancipatie van prostituees.
Enkele feministen pasten dit begrip ook toe op prostituees en stelden het gangbare standpunt aan de kaak dat prostitutie het toppunt van vrouwenonderdrukking was. Zij vonden daarentegen dat vrouwen zelf over hun lichaam dienden te beschikken, dus er ook geld mee mochten verdienen. Met andere woorden, vrouwen hebben het recht om als prostituee te werken. Op grond van ditzelfde zelfbeschikkingsrecht kunnen zij ook weigeren de prostitutie in te gaan. Met dit laatste werd meteen stelling genomen tegen gedwongen prostitutie, dat wel als een vorm van seksueel geweld werd gezien.
Ook wilden zij het kunstmatige onderscheid tussen ‘madonna’s en ‘hoeren’, tussen ‘nette en slechte vrouwen’, teniet doen. De nette vrouw, de madonna, is in deze beeldvorming de thuiszittende vrouw die boven seksuele lusten is verheven en tot aan het huwelijk maagd blijft. De slechte vrouw is seksueel actief, verlaat huis en haard om te gaan werken, is onkuis en heeft plezier in seks. Zij wordt daarom vaak voor hoer uitgemaakt. Ook andere ‘slechte vrouwen’ als lesbiennes krijgen het scheldwoord ‘hoer’ toegevoegd. Prostituees worden niet alleen voor hoer uitgescholden, ze zijn het ook. Zij vercommercialiseren seks, wat een groot taboe is.
Prostituees zijn dus het slechtste van het slechtste. Maar wat prostituees verder anders dan anderen doen, is bij nadere beschouwing niet duidelijk. Omgang met meerdere seksuele partners, buitenshuis werken, seksualiteit loskoppelen van de voortplanting: dat alles hebben prostituees tegenwoordig met vele vrouwen gemeen. Als men prostituees afwijst, veroordeelt men zowat alle vrouwen. Dus komt het destigmatiseren van prostituees alle vrouwen ten goede, zo redeneerden deze feministen. Door de gezamenlijke inspanningen van organisaties van prostituees en met hen sympathiserende feministen vatte in Nederlandse beleidskringen het idee post dat prostitutie een beroep is waarvoor vrouwen vrijwillig konden kiezen. In 1985 werd de feministische steungroep De Roze Draad opgericht. Die bestond uit vrouwen die De Rode Draad jarenlang daadwerkelijk hebben bijgestaan. Zij waren onderzoekers, hulpverleners en de pioniersters die later de Stichting Tegen Vrouwenhandel zouden oprichten.
De hele discussie werd beheerst door de kwestie van de vrouwelijke seksualiteit en het gedrag van mannelijke hetero’s. Dit vertroebelt het zicht op het feit dat het om een beroep gaat, dat zoals alle beroepen door beide seksen kan worden uitgeoefend. Weer een argument dat prostitutie niet per definitie vrouwenonderdrukking is.

Religie

Van Prostituee tot Politica, het boek van het deelraadslid van de Christen Unie, Yvette Lont. vol getuigenissen.

Het (ILO) International Labour Organization heeft in Azië onderzoek gedaan naar de effecten van sekswerk op het Bruto Nationaal Product. De onderzoekster nam een katholiek land (Filippijnen), een islamitisch land (Indonesië) en een boeddhistisch land (Thailand) onder de loep. Wat bleek? De religie had geen invloed op de omvang van en de vraag naar sekswerk.
De Rode Draad is in religieus opzicht neutraal. Maar met bepaalde religieuze organisaties en politieke partijen met een religieuze denominatie is er consensus dat dwang en uitbuiting in de prostitutie moet worden bestreden.

De laatste tijd krijgen religieuze organisaties steeds meer invloed op het prostitutiebeleid. Zo richt bijvoorbeeld het Scharlaken Koord, ressorterend onder de koepel van Tot Heil des Volks zich op het uitstappen van prostituees. Deze organisatie krijgt ook overheidssubsidie onder voorwaarde dat ze hun doelstelling 'Evangelilsering van prostituees' niet laten doorwerken in hun maatschappelijk werk aanbod. Wij vinden het heel belangrijk dat sekswerkers religie-vrije hulp kunnen krijgen.

zoeken

Sponsors



Lotgenoten Forum