Zwarte Lola of de eerste Surinaamse prostituee op de Wallen.

- Zwarte Lola (links) tijdens een uitje georganiseerd door de horeca van de Zeedijk. Herkomst: digitaal archief Instituut voor Sociale Geschiedenis.
De theatermaker Frank Wijdenbosch van Stichting Seven Arts heeft Zwarte Lola of wel Blakka Lola, de eerste Surinaamse prostituee op de Wallen een behoorlijk graf bezorgd. Zo wil hij haar eren als een zwarte verzetsheldin. Door haar werk op de Wallen wist ze geld te verdienen om anderen tijdens de hongerwinter te eten te geven. Zij heette in werkelijkheid Nicoline 't Sant en was getrouwd met de broer van de vader van Anton Geesink. Zij was in de jaren twintig van de vorige eeuw met een gezin van zendelingen als kindermeisje naar Nederland gekomen.
Als dank voor al haar zorgen moest ze in een hok buitenshuis slapen. In plaats van haar tegen de opgroeiende zonen te beschermen, zette men haar op straat om te voorkomen dat de jongens belangstelling voor haar kregen. Nog voor de oorlog zat ze in een raam aan de Stoofsteeg. Ondanks haar hazenlip en haar mollige lijf kon ze zich in een grote belangstelling van de klanten verheugen. Op latere leeftijd, toen ze al aan het dementeren was, belandde ze in de Flessenman, een verzorgingstehuis aan de Nieuwmarktin Amsterdam. Ze was toen al ziek. Dat verhinderde bepaalde lieden niet misbruik van haar door haar geld af te troggelen. In de jaren tachtig keerde zij terug naar Suriname en verbleef tot ze aan diabetes stierf. Ze heeft het nooit meer over haar verleden in Nederland gehad. Dat vindt het personeel van het rusthuis jammer; ze hadden haar daardoor beter kunnen begrijpen en helpen. Aldaar heeft men ook een van haar benen moeten amputeren. Haar papegaai, die naar verluidt haar stem perfect kon imiteren had haar overleefd. Maar ook papegaaien hebben niet het eeuwige leven. Helaas is door de recente dood van het beestje haar stem definitief verstomd. Meer informatie http://www.frankwijdenbosch.nl/











